Methodiek

Naast het raadplegen van verplicht en aanvullend bronnenmateriaal, gebruikt BeoBOM diverse methoden om de onderzoeksresultaat optimaal te kunnen analyseren. Onderstaand worden enkele van de belangrijkste toepassingen en methoden genoemd.

LIDAR

LIDAR staat voor Light Detection and Ranging of Laser Imaging Detection And Ranging, en houdt in dat hoogteverschillen in het landschap in kaart worden gebracht middels laserpulsen. Door hoog-teverschillen te analyseren, kunnen verstoringen zoals bomkraters of verdedigingswerken in sommige gevallen worden opgespoord. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan hoogteverschillen in het landschap, welke niet zichtbaar zijn op luchtfoto’s door bebossing of andere vegetatie. Naast het in kaart brengen van mogelijke verstoringen als gevolg van oorlogshandelingen, wordt LIDAR hier eveneens toegepast om de naoorlogse bodemroering in kaart te brengen. Naoorlogs opgehoogde gebieden onderscheiden zich duidelijk, wanneer LIDAR wordt toegepast.

LIDAR


In bovenstaande video wordt een voorbeeld gegeven van een situatie waarin LIDAR uitkomst biedt. In de video is een bos te zien met in de bosbodem 17 bomkraters. Deze kraters zijn door de bomen niet zichtbaar op luchtfotomateriaal, maar wel in LIDAR.

3D-technologie

Wanneer door BeoBOM luchtfoto’s van een bepaalde datum worden gevonden, dan wordt gestreefd naar het aanschaffen van meerdere luchtfoto’s uit de betreffende serie. Het doel hiervan, is tweeledig. Ten eerste, kunnen verstoringen op het fotomateriaal zelf, zoals vuiltjes/beschadigingen op de foto, worden opgespoord door de aanschaf van meerdere foto’s uit een serie. De aanschaf van een enkele foto kan in theorie namelijk leiden tot het foutief aanzien van een beschadiging op de foto voor een verstoring in het landschap. Van foto’s uit een serie (welke elkaar overlappen) kunnen ten tweede 3D-luchtfoto’s/stereoscopische luchtfoto’s gemaakt worden, wat de luchtfotoanalyse ten goede komt. Een methode om de kwaliteit van de luchtfotoanalyse te verhogen, is het creëren van stereo-luchtfoto’s (3D-luchtfoto’s). Doordat de geallieerden de luchtfoto’s met een overlap maakten (van idealiter 60%), konden de beeldanalisten met behulp van stereoscopische brillen diepte op de foto’s zien. Dit hielp vooral bij de interpretatie van militaire objecten met een duidelijke verticale dimensie. Een goed voorbeeld hiervan zijn bijv. Vergeltungswaffe-lanceerinstallaties (V1 en V2) en Flak-torens. Deze stereoscopische beelden kunnen met de huidige beeldbewerkingssoftware geconstrueerd worden, waarbij tegenwoordig een simpele anaglyphbril (een brilletje met rood en cyaan filter) volstaat om het stereoscopische effect te creëren. Onderstaand worden enkele voorbeelden van door BeoBOM gecreëerde 3D-foto’s getoond.

BAG

Ten behoeve van het in kaart brengen van naoorlogse bodemroering, worden als aanvullende bron de gegevens van Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG) gebruikt. Deze database verstrekt informatie over het bouwjaar van huizen en kan als laag worden ingeladen in GIS. BAG geldt derhalve als een uitstekend en onmisbaar hulpmiddel bij het inventariseren van naoorlogs bodemgebruik en de invloed daarvan op mogelijk aanwezige explosieven en de mate van verdachtheid van het gebied.

BAG

DINOloket/Deltares

Ten behoeve van het in kaart brengen van de verticale afbakening van een verdachte gebied, evenals naoorlogse bodemroering en grondwaterstanden, worden als aanvullende bron de gegevens van het DINOloket gebruikt. Bij het DINOloket wordt standaard informatie gezocht met betrekking tot de bodem en ondergrond in het onderzoeksgebied. Men kan hier gebruik maken van sonderingen, boringen en informatie met betrekking tot grondwaterstanden. Het is tevens mogelijk om over een terrein verschillende doorsneden van langere afstand van de bodem op te vragen. Het DINOloket biedt toegang tot deze gegevens, uit de database van de Geologische Dienst Nederland – TNO. De indringing van afwerpmunitie wordt berekend middels het model van Deltares.

BAG